Schermpie · digital signage
Wat kost narrowcasting?
De kosten bestaan meestal uit meer dan alleen software: denk ook aan scherm, schermspeler, installatie, bekabeling en eventuele aanvullende dienstverlening.
Software per actief scherm
De Schermpie-licentie wordt gekoppeld aan actieve schermspelers. Daardoor groeit het terugkerende softwaredeel mee met het aantal schermen. De actuele maand- en jaarprijzen staan bewust op één plek, zodat voorbeelden op kennisartikelen niet verouderen.
Welke kostenposten horen bij narrowcasting?
De maandelijkse licentie is het makkelijkst te vergelijken, maar vertelt niet wat een complete opstelling kost. Splits daarom terugkerende kosten en eenmalige locatiekosten van elkaar.
- Softwarelicentie per actieve schermspeler
- Scherm of televisie wanneer er nog niets bruikbaars hangt
- Schermspeler of andere benodigde hardware
- Montage en bekabeling
- Installatie en inbedrijfstelling
- Reis of locatiebezoek
- Maatwerk of specifieke integraties wanneer die nodig zijn
Wat bepaalt de hardwarekosten?
Een bestaand scherm kan soms worden hergebruikt. Dan blijven de kosten anders dan bij een volledig nieuwe installatie. Helderheid, aansluitingen, montage, oriëntatie en dagelijkse draaitijd bepalen of hergebruik verstandig is. Ook de kabelroute en beschikbare netwerkverbinding kunnen invloed hebben op de installatie.
Reken niet alleen met de licentie
Een goedkope softwarelicentie kan alsnog duur uitpakken wanneer storingen, lokale ritten of handmatig content wisselen veel tijd kosten. Andersom is een uitgebreider beheerplatform niet automatisch voordeliger wanneer een scherm vrijwel nooit verandert. De totale kosten hangen dus samen met de hoeveelheid beheer die een organisatie werkelijk nodig heeft.
Scenario 1: bestaand scherm, eenvoudige installatie
Als er al een geschikte televisie hangt, de kabelroute eenvoudig is en er geen maatwerkkoppeling nodig is, kan de eenmalige investering beperkt blijven tot de schermspeler, installatie en eventuele montageaanpassing. Het softwaredeel blijft vervolgens de terugkerende kostenpost. Dit is vaak de lichtste instap, maar alleen wanneer het bestaande scherm werkelijk geschikt is.
Scenario 2: nieuwe schermen of meerdere locaties
Bij een nieuwe etalage-opstelling, professioneel display of meerdere vestigingen tellen hardware, montage, bekabeling en installatie zwaarder mee. Daar staat tegenover dat centraal beheer juist bij meerdere schermen meer lokaal werk kan voorkomen. De juiste vergelijking is dan niet één licentie versus één USB-stick, maar de totale beheer- en installatieopzet over de gewenste gebruiksperiode.
Meer schermen veranderen de rekensom
Bij meerdere schermen groeit niet alleen het aantal licenties. Ook plaatsing, montage, schermtype en beheerstructuur kunnen veranderen. Juist daarom is het nuttiger om de actuele prijspagina en de complete opstelling naast elkaar te leggen dan één los voorbeeldbedrag te vermenigvuldigen.
Welke kosten keren terug?
De platformlicentie is terugkerend. Een scherm, montage, bekabeling en een eerste installatie zijn doorgaans locatiegebonden of eenmalig. Aanvullend beheer, support of andere dienstverlening hangt af van de gemaakte afspraak. Dat onderscheid maakt het makkelijker om abonnementsprijs en totale investering niet door elkaar te halen.
Wat kan de totale kosten juist verlagen?
- Een bestaande geschikte televisie hergebruiken
- Schermen logisch groeperen zodat content niet dubbel wordt beheerd
- Planning gebruiken in plaats van handmatige campagnewissels
- Remote diagnose gebruiken voordat een locatiebezoek wordt ingepland
- Vooraf kabelroute, netwerk en montage controleren zodat installatie geen verrassingen oplevert
Welke vragen zijn nodig voor een bruikbare prijs?
- Hoeveel schermen en locaties zijn er?
- Zijn er al bruikbare televisies of displays?
- Portrait of landscape en hoe worden ze gemonteerd?
- Is netwerk permanent beschikbaar of alleen tijdelijk?
- Hoe vaak verandert content?
- Is alleen beheer nodig of ook installatie op locatie?
- Zijn er koppelingen met externe systemen gewenst?
Wanneer is een eenvoudige oplossing goedkoper én beter?
Als één scherm vrijwel nooit verandert, iemand makkelijk bij het scherm kan én de lokale afspeelwijze aantoonbaar zelfstandig blijft werken, kan een USB-stick of andere lokale oplossing rationeler zijn. Kijk daarbij niet alleen naar hoe vaak content verandert. Sommige televisies stoppen na een fout, stroomonderbreking of afwijkend mediabestand met automatisch afspelen of keren terug naar een menu. Dan kan alsnog iemand met de afstandsbediening, USB-stick of het scherm zelf naar locatie moeten.
Narrowcastingsoftware verdient zichzelf daarom niet automatisch terug, maar een USB-oplossing is ook niet automatisch onderhoudsvrij. De relevante vergelijking is de totale beheerlast: wijzigingen, controle, storingen, herstel op locatie, planning en het aantal schermen.